woensdag 11 december 2013

Ho ho ho?

Christmas in Denmark is refreshingly pagan. That is what struck me the first time we celebrated Christmas here. Food, gifts and having fun with family and friends.

In the Netherlands we have a strict division of labour. Though the feasts are both in December, they are widely different: Christmas is about religion, fine food and, perhaps, merriment (as in 'classy' fun). Whereas gifts and boisterous fun is the realm of Sinterklaas.

Sinterklaas is both the familiar name for Saint Nicholas and the festivity itself. On the eve of 5 December, the Dutch exchange gifts. The idea is that you do not know who has given you the gift, and often there's a poem attached that is supposed to be funny – sometimes to, and beyond, the pain threshold. It can also be wrapped up inside something funny - the so-called 'surprise'. Thus hours of work disappear into crafting a container for a small gift. Grown-ups poke fun at each other that way, but children get 'real' gifts if they are still considered believers. Believers in the Sinterklaas story, that is. Here comes the simple version.

The story about Sinterklaas is that he lives in Madrid and travels yearly to the Netherlands on a boat filled with gifts for children who have been good. On the evening of 5 December, Sinterklaas rides out on his white horse on the Dutch roofs, delivering the gifts through the chimneys. His helper, Zwarte Piet (Black Pete), does the chimney bit. Children who have been naughty get no gifts but a bag of salt. If they are lucky, that is. Zwarte Piet's other task is doling out corporal punishment, or, worst of the worst, abducting the rascals in a burlap sack and taking them to Spain.

Through the years, the division of labour between Sinterklaas and Christmas has become blurred. As religion has become less prominent in Dutch society, many people tend to give gifts at Christmas, too. Or they have stopped celebrating Sinterklaas altogether and do gift-giving the American Way, at Christmas. Still, many people have a bad conscience about the wealth of gifts and the tables filled with food and wines – all in sharp contrast to that babe in the manger. Not to speak of the rest of the world that is suffering hardship and hunger.

Alongside this process, the Sinterklaas festivities and the accompanying story have changed. Corporal punishment has gone out of fashion, and it is no longer a threat but rather a treat to go to Spain. Also, Zwarte Piet is not alone anymore, he has gotten more and more assistants and has gotten more light-skinned over the years. Despite all that, Zwarte Piet himself has become a source of controversy because quite a number of Dutch consider his figure as a symbol of slavery, confirming all prejudices about blacks – so not a festive figure at all. Other Dutch people though fiercely cling to the 'black' in Zwarte Piet, so much so that he now stands for an expression of real Dutchness. Which has led me to the conclusion that it takes roughly 150 years to integrate in the Netherlands if you are black.


Some sort of a Sinterklaas will survive in Holland, I think. If not, we have to console ourselves with the thought that his descendant, Santaclaus, is gaining world domination – also in Denmark.

vrijdag 22 november 2013

Ja ja, Yahya

Hij is achttien, hij is boos, boos op zijn ouders ook, en hij heeft boze gedichten geschreven. Je zou bijna zeggen: dat hoort bij zijn functie-omschrijving als achttienjarige. Maar zoiets komt in een heel ander licht te staan als je Yahya Hassan heet, zoon van Palestijnse vluchtelingen, en in Denemarken woont.

Yahya Hassan heeft ook een mening, en die mening komt duidelijk naar voren uit zijn gedichten. Zijn ouders hebben hun plicht verzaakt, vindt hij. Ze hebben zich teruggetrokken in hun eigen kleine vluchtelingenwereldje, het wereldje waar de mannen de Koran uit hun hoofd kennen en leven naar Gods woord, maar die er geen enkele moeite mee hebben om de Sociale Dienst te bedriegen voor een uitkering. Kinderen worden afgerost. Kortom, geen lieverdjes.

Yahya Hassan zef ook niet trouwens. Hij is uit huis geplaatst en heeft in de gevangenis gezeten voor geweldpleging. Maar hij kan er meeslepend over schrijven. Dat viel een leraar ook op. Die stimuleerde hem om door te gaan met schrijven, en half oktober lag het resultaat in de winkel: Yahya Hassan, Digte.

Anderhalve maand en 42.000 exemplaren verder werd hij op het hoofdstation van Kopenhagen aangevallen door een man van 24 jaar. De man sloeg op Yahya in en riep dat Yahya dood moest omdat hij een ongelovige was. Bij aanhouding bleek dat de aanvaller in 2007 als zeventienjarige een veroordeling tot zeven jaar cel had gekregen wegens terreur, maar dat hij na drie jaar vervroegd vrij was gekomen. Hij is van Deens-Jordaanse afkomst en heeft zijn naam laten veranderen van Abdul Basit Abu-Lifa naar Isaac Meyer.

Maar dit terzijde.

In Denemarken is nu een interessante discussie gaande over Yahya Hassan's gedichtenbundel en hemzelf: is het nou literatuur wat hij schrijft, of maatschappijkritiek? De meesten zien het als maatschappijkritiek. Maatschappijkritiek die mensen graag willen horen, valt me wel op. Ondertussen woont hij nu op een geheime plek en wordt hij dag en nacht bewaakt door de PET, de Deense veiligheidspolitie. Een bijeenkomst over zijn gedichten in de bibliotheek van Odense werd eerst afgelast maar ging later toch door, niet in de laatste plaats omdat veel mensen vonden dat hier de vrijheid van meningsuiting in het geding was. Een vrijheid van meningsuiting waarover Yahya Hassan opmerkt dat veel moslims die opeisen om hun geloof te verkondigen en kritiek op anderen te uiten, maar het liefst afschaffen als de kritiek opeens over hen gaat.


Ik ga het boekje maar eens kopen. Is hij de zoveelste knuffelallochtoon, of kan hij echt schrijven?

dinsdag 19 november 2013

May I have your votes, please!

Zelfs Google stuurde je naar de stembus

Vandaag zijn er gemeente- en regio-verkiezingen in Denemarken. K. en ik waren allebei een beetje opgewonden want we mochten meedoen! Als haviken hebben we de brievenbus in de gaten gehouden, en een zucht van verlichting ging door het huishouden toen de stemkaarten (valgkort) uiteindelijk in de bus vielen.

Vanmiddag hebben we dus onze democratische plicht gedaan. Bij de sporthal hadden ze de parkeerplaats omgebouwd, zodat de stemmers die met de auto kwamen zonder elkaar te hinderen konden parkeren en weggaan.

Het was in vergelijking met Nederland een vrij massale aangelegenheid: drie 'stations' waar je je stemkaart kon inleveren voor stembiljetten, een hele rij hokjes met blauwe gordijnen waar je je stem kon uitbrengen, en drie paar stembussen: drie gele en drie grijze. De gele voor de regionale verkiezingen en de grijze voor de gemeenteverkiezingen.

De stembiljetten zijn een verhaal apart, want enorm groot – zie de foto. Maar ze zijn bescheiden in vergelijking met stembiljetten voor parlementsverkeizingen. Dat zijn werkelijk jonge tafellakens.

Verder hing er een grafiek van het aantal uitgebrachte stemmen tot dan toe, in vergelijking met die van de vorige verkiezingen. En dozen met appeltjes voor de stemmers.



We kwamen ook nog een buurman tegen, dus toen kon de stemming al helemaal niet meer stuk. Opgetogen reden we naar huis, en nu wachten we bij de brandende houtkachel op de uitslagen.

dinsdag 12 november 2013

Stop de persen! Ik sta in de krant!

We hadden zojuist geconstateerd dat de expat in de familie zich helemaal waarmaakt, maar de immigrant in de familie, ik dus, heeft ook een succes behaald.

Ik sta in de krant, en niet bij de politieberichten, maar op de debatpagina van Jyllands-Posten (een kruising tussen Telegraaf en NRC Handelsblad).

http://jyllands-posten.dk/opinion/breve/ECE6229621/udenlandsk-bifangst/

En ja, in het Deens ook nog. Met hulp van Henrik Stanek, een collega van het journalistenkantoor waar ik werk, kan ik heel acceptabel Deens schrijven :-)

Vertaling volgt. Maar eerst de auto halen, daar zitten als het goed is nu winterbanden onder. Doei!

vrijdag 8 november 2013

Die Kees toch!

Terwijl ik loop te miemelen over de Deense arbeidsmarkt als immigrant, doet de expat in de familie het voorbeeldig. Kees heeft een presentatie gehouden voor de alumni van de politicologie-opleiding in Aarhus, en die bleef niet onopgemerkt dus die mag hij over een paar maanden weer eens dunnetjes overdoen in Kopenhagen.

En hij sleept geld binnen voor onderzoek. Miljoenen kronen. Daar zijn ze bij de universiteit van Aarhus erg blij mee - zie hier.

Goed hè? *trots*

... en toen was het stil...

Niks ernstigs hoor. We maakten een tripje naar Nederland, dus toen was ik voor korte tijd computerloos. En bij terugkomst waren er andere dingen te doen, o.a. de boot leeg- en schoonmaken, aan land hijsen en nog eens een keertje schoonmaken, maar dan onder de waterlijn.

Maar gisteravond trok Tom Griffiths aan mijn jasje. "Zeg, zou jij niet de hele maand oktober..."

Ja. Dat zou ik. Geen letter meer geschreven sindsdien. Terwijl ik beter zou moeten weten, want als er iets is wat mij afhelpt van een rothumeur en een algemeen gevoel van misère, dan is het schrijven. Toch raar dat je weet wat je goeddoet, maar er geen vinger naar uitsteekt.

Enfin. Hier ben ik weer, en ik heb wel wat geschreven hoor: http://bridgeprojectdk.wordpress.com/latest-news/. Wederom een stuk over integreren en werken in Denemarken.

The Bridge Project is het geesteskind van Tom. Hoe slaan we met z'n allen als buitenlanders een brug naar de Deense arbeidsmarkt? Hoe kunnen we elkaar helpen en opmonteren, als het kikkers kussen ons weer eens tot híer zit? En de achterliggende gedachte is: niet lullen maar poetsen. Zelf dingen doen. Empowerment!

En schrijven dus. Volg dit blog!

vrijdag 11 oktober 2013

Everybody needs a Mogens

It is hard to find a job in Denmark if you do not come here as an expat with a job contract in your pocket. The language, the way people are hired (many find their jobs through their own informal networks), the lack of trust in diplomas that are not Danish – finding work is a disheartening job.

So there is a lot to be said in favour of starting your own business. And that is what many foreigners do.

But that is also a hard job, and disheartening. Creating your own business opportunities sounds creative, but it takes a lot of energy and courage. It is like kissing frog after frog, waiting for the prince to appear – but no, it is still a frog, slippery and cold and trying to escape, and some of them are being very impolite about being kissed, too. Trust me, I have my own business, and I'd rather be kissing someone else. But many of my working days are taken up by kissing frogs. On top of that, it's pretty lonely.

So imagine my delight when I got a call from Mogens! Mogens Thomsen was consultant for Etnisk Erhvervsfremme in Aarhus. I met him at a meeting from Startvækst Aarhus, an organisation that helps beginning entrepreneurs on their way, and this meeting was in English, especially for fore igners. I later found out that he called more participants of that meeting.

Over time, Mogens and I had several short conversations about how business was going. One day, his colleague Karsten Olesen asked me whether I could give a presentation. He was organising a workshop for organisations from Sjælland that were interested in the approach of Etnisk Erhversfremme.

Of course I would. My message was, in short: everybody needs a Mogens. Especially in the beginning, it is crucial that someone takes an interest. Someone who has a network and can give you tips. Someone who is expecting something from you. That makes you want to do things, instead of slumping in your chair, reaching for the bottle to rinse away the taste of frog, and moaning about business being bad.


It is also crucial that it is a Dane, a Dane who does something with you instead of for you. All too often it is forgotten that integration takes two. A foreigner can learn Danish, dance around the Christmas tree and eat leverpostej til Kingdom come, but if Danes do not want to play with him, then integration is doomed. So more Mogenses please!