donderdag 20 februari 2014

Den hemmelige socialdemokrat

Het is een boek dat waarschijnlijk geen Nederlandse vertaling gaat krijgen: 'De geheime sociaal-democraat' is een roman die zich afspeelt in de parlementsfractie van Socialdemokraterne, de Deense PvdA zeg maar. Een soort real-life Borgen, maar dan op papier! Smullen!

De opschudding in politiek Denemarken was groot. Het boek heet een insidersverslag te zijn van de totstandkoming van de huidige regering, rijk aan details die doen vermoeden dat het inderdaad een sociaal-democraat is die achter dit boek steekt. Hoewel er ook veel voorbeelden zijn van details die volledig uit de duim van de auteur komen: collega-politici die al dansend losjes converseren, bijvoorbeeld - maar die 'in het echt' nog nooit met elkaar hebben gedanst, al was het maar omdat een der partners niet op dat feestje was.

De hoofdpersonen-tegen-wil-en-dank in de roman worden niet al te flatteus geportretteerd. Vooral de jonge honden met macht (zoals Helle Thorning-Schmidt en minister van financiën Bjarne Corydon) worden als arrogante, genadeloze carrièremakers neergezet. 

De sociaal-democraten willen er liever niet te veel aandacht aan besteden. Het is pijnlijk – niet alleen de inhoud van het boek, maar ook de suggestie van collectieve verdachtmaking. Ieder fractielid kan het geschreven hebben. Maar het is ook een tiepies gevalletje van verspilde moeite, dus bagatelliseren ze het. Gisteren  was een deel van de sociaaldemocratische fractievergadering gewijd aan de kwestie. De parlementaire journalisten lagen in hinderlaag bij de vergaderzaal met op hun lippen de vraag: wie is het? Ofwel, om in tv-termen te blijven: Wie Is De Mol? 

Foto van http://www.batremovallivingstoncounty.com/wp-content/uploads/2012/10/mole.jpg
Alle fractieleden zeiden na afloop: 'Het deugt niet, maar we moeten er niet te veel tijd aan besteden, ons politieke werk is belangrijker.' Daarmee, geholpen door de aanwezige journalisten, het sprookje in stand houdend dat je geen rekening moet houden met roddel en achterklap in de politiek. 

Maar de journalistiek  viel en masse voor het dramatische gegeven van loyaliteit en verraad. Werkelijk elke sociaal-democraat kreeg de vraag: hoe voelt het nou dat er iemand in jullie midden is die zo grootscheeps en venijnig uit de school klapt? Hoe heet de adder die jullie aan jullie borst drukken? Namen willen we hebben!

Vijf parlementsleden waren er niet, die zaten dus meteen in het verdachtenbankje van de journalisten. Eén krant, Berlingske, ging zelfs zo ver om de eerdere schrijfsels van sociaal-democraat Rasmus Prehn (woordvoerder verkeer en mogelijke mol) te onderwerpen aan tekstanalyse. Hij ging vrijuit, want hij schreef te saai, was het vernietigende en bevrijdende oordeel.

Ik heb een hoofdstuk uit het boek gelezen, en wat mij het meeste treft is het cynisme. Het cynisme van de onmacht. Van de valse grapjes. Van het beter-weten en toch niet gehoord worden. Volgens mij ligt het dan ook veel meer voor de hand om de auteur in de hoek van rechts te zoeken. In de hoek van de jonge honden van Venstre, de overijverigen zoals Troels Lund Poulsen en de andere mannen achter de Skattesag, die nu knarsetandend het edele handwerk van volksvertegenwoordiger uitvoeren in plaats van een autoriteit te zijn. Of misschien geen politicus maar een spin doctor. Of zelfs een journalist! Van Jyllands-Posten! Eentje die een innige haat-liefde verhouding heeft met De Onvermijdelijke Roden!

Ach, nou doe ik het ook, de mol zoeken. Mollen op laag water. Aan het werk maar weer... maar ik ga toch het boek lezen. Altijd leerzaam.

vrijdag 14 februari 2014

What's love got to do with it?

It took me Lærdansk, a friend and a Danish philosopher (Anne Marie Pahuus) to realise how much love enters in the equation that made us end up here in Denmark.

First Lærdansk.

Almost every foreigner ends up in Lærdansk in order to, well, learn Danish. One day, my fellow student Christine and I let our thoughts wander about various subjects, such as Danish integration policy, and why we are here - in Denmark, that is.

We concluded that we, and each and every one of our class mates, were here for love. Either because we fell in love with a Danish citizen, or with a partner we decided to follow, because this person's work required her or him to come here. Imagine that: a classroom full of love!

Then the philosopher, Anne Marie Pahuus.

She published a book on love in the 'Tænkepause' series of Aarhus University Press, and recently presented her work for an audience of expat partners in University International Club at Aarhus University (all this while holding her youngest daughter on her hip). She took us on a whirlwind tour of philosophy and literature, touching upon the works of philosophers like Plato and Kierkegaard and authors such as Milan Kundera.

In other words, it got really philosophical and up-in-the-air, and as she was talking, all of a sudden I fell to earth so to speak, and the conversation I had with Christine came to mind. Again I found myself sitting in a room full of love – expat partners who have ventured out with their loved ones, out into the unknown, and they were all gathered here, in a sterile-looking seminar room in Aarhus.

It struck me that love was represented as a sort of end product, but can that be true? As far as I am concerned, no. Something changes in the relationship when a couple moves to another country, something having to do with balance. Usually, the move is for the direct benefit of one of the partners, while the other one's benefits are not always that straightforward to describe. That does things with you – and with your loved one.

Also, the new circumstances make that the two of you develop yourselves. Sometimes in unforeseeable ways. That can be scary – let's be honest about that (I can be, eh, LOUD). But it can also be exhilarating, resulting in a giddy feeling of success, and a strengthening of the bond between you and your loved one.

So the choice for being an expat comes from love, and the choice itself influences the love that made it happen. That's scary, too...

Wait. Could it be that philosophy is contagious and I just wrote down something philosopical?!

I'll stop immediately and do something down-to-earth, like running away to buy my sweetheart some chocolate and roses. It's Valentine's Day anyway.


dinsdag 11 februari 2014

Marius

Marius

Als een vuurzee trok het nieuws over internet: de dierentuin in Kopenhagen zou een girafje gaan vermoorden. De anderhalf jaar oude mannetjesgiraf Marius moest worden doodgemaakt omdat ervoor hem geen plaats was in het internationale giraffenfoknetwerk tussen dierentuinen. Belangrijkste reden daarvoor was dat de kans op inteelt te groot zou zijn.

Dus, dachten ze in de dierentuin, we maken hem dood, houden een openbare autopsie, en voeren hem aan de andere dieren in de tuin die in het echt ook wel eens giraf op het menu hebben staan.

Maar ja, een jong girafje is knuffelbaar. Deense dierenliefhebbers kwamen in het geweer, en de hele internetwereld deed mee. Het was niet eerlijk, zeiden ze. Aan de beslissing lagen genuanceerde overwegingen ten grondslag, legde de dierentuin uit. Waarom kon-ie niet aan de pil (nare bijwerkingen), waarom kon-ie niet losgelaten worden in de Vrije Natuur (hij zou zich niet kunnen handhaven), waarom moest-ie worden geslacht en opgevoerd (dat doen we met alle dieren die in de dierentuin overlijden), waarom was Marius niet direct na zijn geboorte geëuthanaseerd (voor de moeder was het goed om jonkies groot te brengen), was dat hele fokprogramma trouwens niet onnatuurlijk (tsja, hoe natuurlijk is een dierentuin?) en waren die Denen eigenlijk geen fascisten, met hun eugenetische giraffenprogramma? Kortom, fout na de oorlog?

De Denen gingen ijzerenheinig door. De dierenarts van de dierentuin legde uit hoe het in z'n werk was gegaan: Marius werd gelokt met, hoe Deens, een sneetje roggebrood, en daarna in zijn hoofd geschoten. Op zijn karkas werd, ter lering voor wie dat wilde meemaken, sectie gepleegd. Beelden van een bloederig giraffenhoofd gingen de wereld over. Altijd prijs natuurlijk, want giraffenwimpers zijn de ontroerendste wimpers van het universum. En dan die foto's van kinderen die neerstaarden op brokken giraf...

Kortom, we zagen een onvervalste Marius-hype, maar ik zag ook nog wat anders: hoe Denen werden misverstaan door de rest van de wereld.

Ten eerste noemen Denen dingen graag bij hun naam, ook bij de minder aangename dingen des levens (en des doods). Zo'n dierenarts die vrij nuchter vertelt hoe hij het beest heeft omgelegd en verwerkt, valt rauw op je dak (sic!) maar hij is waarachtig niet de enige hier. De toon die niet-Denen als bot en onaangenaam treft, is hier veel gewoner.

Ten tweede zijn Denen vrij praktisch ingesteld. Als je dan toch opeens een berg vlees over hebt, waarom dan niet de resten voeren aan de andere dieren in de dierentuin? Of: ja, die enorme energiecentrale bederft het landschap tientallen kilometers in de omtrek, maar we willen toch elektriciteit hebben voor onze computers, en verwarming in onze huizen? Nou dan.

Misschien, zo bedacht ik, is dat ook een verklaring voor het feit dat Denen zo hoog scoren als het gelukkigste volk op aarde. Leg je neer bij het onvermijdelijke, aanvaard de consequenties van je keuze ('Sådan er det,' zo is het nu eenmaal, hoor je hier tot vervelens toe) en ga door met leven. Samen met het feit dat Denen grootgebruikers zijn van Prozac en andere 'gelukspilletjes'. Maar dit terzijde.

Ten derde snappen ze de ophef niet die anderen erover maken. Je zou dat gebrek aan empathie kunnen noemen, maar het heeft vooral veel te maken met de eenvormigheid van Denemarken en de Denen: alles ziet er hetzelfde uit, en iedereen doet hetzelfde. (Ik overdrijf nu even.) Afwijkend gedrag komt niet veel voor, en wordt in eerste instantie vaak ook niet begrepen. Dat is trouwens ook een van de redenen waarom de controverse rond de Mohammed-karikaturen destijds zo hoog opliep.

Ten vierde zijn Denen erg natuur-minded. Als immigrant word je tot vervelens toe aangeraden om eens lekker de natuur in te gaan – goed voor de ziel en de gezondheid. Jagen en vissen valt ook onder de Deense natuuropvatting, en dan begrijp je ook beter waarom afschot van een gezonde giraffe – hoewel opmerkelijk – niet shockerend is.

Ten vijfde is Denemarken een land dat leeft van dood vlees. Varkensvlees vooral: er wonen bijna meer dan zes keer zo veel varkens als Denen. Negentig procent van de varkens verdwijnt als export naar andere, meest Europese, landen. Vijfentwintigduizend slachtvarkens gaan eraan – per dag. En nee, Denemarken is geen goede vakantiebestemming voor een vegetariër.

Maar nu gebeurt er ook nog iets anders! De directeur van de Kopenhaagse dierentuin, Bengt Hansen, gaf een interview aan het Britse Channel 4. Daarin legde hij nogmaals uit waarom Marius dood moest, en verdedigde hij zich tegen de Britse presentator die alle sentimentele trucs uit de kast haalde om zijn gelijk te halen. Bengt Hansen weerde zich kranig, maar veel Denen werden kribbig van de sentimele gelijkhebber die het bestond om 'onze' Bengt koud en cynisch te noemen.

De zaak-Marius wekte in Denemarken zelf weinig opzien. De ophef daarover die in het buitenland is ontstaan (zo wil de Amerikaanse ambassadeur (zelf getrouwd met een dierenarts) een gesprek met Bengt Hansen over Marius) doet dat wèl. Dat er wordt getwijfeld aan de voortreffelijkheid van het (Deense) besluit, vinden ze wereldvreemd en een tikje beledigend. En dat Bengt Hansen, zijn familie en zijn medewerkers met de dood worden bedreigd vinden ze ronduit schandelijk.

En wat vind ik er zelf van? Ik vind het jammer voor Marius maar begrijp wel waarom hij dood moest. Wat ook een rol speelt is dat ik overtuigd carnivoor ben, en de Disney-benadering van dieren ligt me helemaal niet. Kort samengevat: ik houd van dieren, ook op mijn bord.


Maar wat me nog meer opviel, is dat ik ook de neiging kreeg om Bengt Hansen te gaan verdedigen. Ik verdeens! Dat is wel raar.

maandag 3 februari 2014

Ministerrokade



Twee dagen later vielen er ernstige gaten in haar kabinet., en nam het puinruimen andere vormen aan. Zo bevond Helle Thorning-Schmidt, premier van Denemarken, zich weer eens in een real-life Borgen-scenario.

Het begon in oktober 2013, toen niemand het nog door had. Toen nam de regering zich voor om een minderheidsbelang in DONG Energy te verkopen aan Goldmann Sachs, de Amerikaanse investeringsbank. Maar afgelopen week bleek dat een aantal leden van de kleinste colitiepartij, SF (Socialistisk Folkeparti, een soort Groen Links) daar helemaal niet blij mee waren.

Veel andere Denen trouwens ook niet. De regeringsverantwoordelijkheid ging SF toch al niet gemakkelijk af. Veel SF'ers hadden last van het Calimero-gevoel: 'Zij zijn groot en ik is klein, en het is NIET eerlijk. O nee!

Het werd er niet beter op toen in september Villy Søvndal, de SF-voorman, afzag van het partijleiderschap en die rol uiteindelijk toeviel aan Annette Vilhelmsen. Haar verkiezing was niet unaniem. Ze is het gezicht van de oudere, linksere partijmensen terwijl de jonge aanstormende talenten - Astrid Krag, Jonas Dahl en Ida Auken - de gezichten zijn van de meer pragmatische rechtervleugel.

Overigens vraag ik me wel eens af hoe een partij het in z'n hersens haalt om er, zo klein als die is, er nog vleugels op na te houden ook. Maar dit terzijde.

Een maand geleden werd Annette Vilhelmsen het middelpunt van een controverse omdat ze een miljoen kronen had beloofd aan Lisbeth Zornig, een BD (Bekende Deen) die zich opwerpt als voorvechter van kansarmen. Zornig was namelijk een campagne begonnen om kansarme Denen naar de stembus te krijgen.

Dat is een loffelijk streven. En die miljoen kronen (plm. 130.000 euro) vallen in het niet bij de andere overheidscampagnes die op hetzelfde uit waren. Maar het deugt niet dat een minister die, buiten alle bestaande procedures om, even cadeau geeft aan iemand die haar welgevallig is. En zo werd Vilhelmsen binnen enkele maanden aangeschoten wild.

Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat de Dong-affaire door velen is aangegrepen om Vilhelmsen te testen: is ze wel Een Echte Leider? Maar het chemisch proces liep uit de hand. Vilhelmsen kon haar ministers en haar partij niet op een lijn krijgen, en opeens stapte SF uit de regering en traden zes ministers af.

Om het drama compleet te maken liepen twee van die ministers over naar een andere partij. Ida Auken ging naar Radikale Venstre en Astrid Krag naar de sociaal-democraten. Zoiets was overigens al eerder vertoond: afgelopen zomer deed de afgetreden SF-belastingminister Thor Møger Pedersen hetzelfde (naar de sociaal-democraten, bedoel ik).

SF heeft niet het vertrouwen opgezegd in de regering, dus er is nu een mini-minderheidsregering van Sociaaldemocraten en Radikale Venstre (soort D66), gesteund door SF en Enhedslisten (soort SP).

Helle Thorning-Schmidt heeft dit weekeinde hard doorgewerkt en de samenstelling van haar nieuwe ministersploeg kwam vanavond minister voor minister naar buiten. Sommige ministeries zijn bij elkaar gevoegd: Cultuur en Kerkzaken bijvoorbeeld, en Handel en Ontwikkelingssamenwerking. Vandaag gaat ze op bezoek bij koningin Margrethe II om de nieuwe ministers aan haar voor te stellen.

Daarna krijgen we de eigenaardige ministerwisseltraditie: elke nieuw aantredende minister krijgt van de afgetreden minister een lollig bedoeld toespraakje met dito cadeau. Wordt vervolgd!



vrijdag 24 januari 2014

Meanwhile, on the domestic front...

*beginning of domestic announcement*

... we have a cat again!

Her name is Petra, she is smoky grey, 10 years old and a quiet, lovely cuddly cat.

Purrs like a diesel.

World Champion Getting-Under-Your-Feet.

She fills up again, in her own way, the feline-formed hole in my heart that Snollie left when she died.

To sum it up in Danish: Hun er pragtfuld. See for yourselves:


*end of domestic announcement*

dinsdag 21 januari 2014

Foute drop



Via een Nederlandse Facebookvriend werd ik gewezen op een Scandinavisch snoepschandaal: binnenkort verdwijnen deze figuurtjes uit de Skipper Mix van Haribo in Zweden en Denemarken.

De reden is dat er in Zweden (ook een enthousiast dropland) eind vorig jaar in de sociale media geklaagd is over de als racistisch en kwetsend ervaren dropjes. Ze leunen namelijk zwaar op karikaturen van zwarten en Chinezen.


Dat is niet zo raar, want de dropmix bestaat sinds 1943 en toen was racisme een stuk gewoner dan nu. De Skipper Mix moest de dingen en mensen verbeelden die een schipper tegenkwam op zijn tochten over de wereldzeeën.

Je kunt 'm hier in Denemarken niet in alle winkels vinden, de Skipper Mix. Ik probeerde de Brugsen onder mijn kantoor, en die had ze niet. Maar die heeft dan ook geen 'Haribo-muur', behangen met zakjes drop en ander snoep.


Wat zien we in de schipppermix? Een negermasker, een negervrouw, nog een masker, een Chinees, een beertje, een zeilschip, een vis, een platvis, een zeepaardje, een tros bananen, een vogel, een soort T-balk maar dan met zes ribben, en iets onduidelijks (een cocktailglas?). Ze smaken overigens allemaal hetzelfde, zoet, en de bite is typisch Haribo: eigenlijk wijngummi. Behalve de T-balk dan, die zouter smaakt en harder en taaier is.

Opvallend vind ik dat je in de mix geen Skipper Skrå vindt (1935, het eerste Deense Haribodropje nota bene!) – de soort drop die ik in Nederland kende als priemdrop. Althans te koop onder die naam in de jaren tachtig van de vorige eeuw, in de snoepwinkel op de Albert Cuypmarkt, Amsterdam. De smaak is niet uitgesproken, ingehouden eerder (hoe komt het toch dat er nu wijnproeversproza opborrelt in mijn hoofd?), maar de consistentie is prettig taai en een beetje ruw. En kruimelig. Geen wijngummidrop.

Zowel in Zweden als Denemarken zijn tegenstemmen opgegaan, die het belachelijk vinden dat 'hun' dropjes moeten verdwijnen. Het heeft alleen niet de felheid aangenomen van de lakridsspibe-affaire in augustus 2013. Toen was er namelijk sprake van dat een andere Deense dropklassieker (die dan weer wel in Finland was uitgevonden in de jaren twintig van de vorige eeuw), de schipperspijp, van EU-wege verboden zou worden omdat het lijkt op rookwaar. Tsjonge, wat waren ze daar boos over. Het leek bijna op de Zwartepietenaffaire een paar maanden later in Nederland.

Wat overigens wel aardig was, was de inventieve oplossing van het probleem: draai de pijp om, en je hebt een onschuldige douchesproeier

Uiteindelijk bleek het allemaal op een misverstand te berusten. Het adagium van Martin van Amerongen, 'je moet een goed verhaal niet kapotchecken', is Deense hoofdredacteuren ook niet onbekend. Het ging namelijk om een voorstel, niet om een EU-wet.

Mag ik overigens vanaf deze plaats even een persoonlijke frustratie ventileren? Ik kan al een jaar geen Soft Piratos (ook Haribo) meer vinden in Denemarken. Ze smaken als salmiakriksen, een van mijn favoriete (Nederlandse) dropjes. Wat zou daar nou weer achter zitten?






vrijdag 3 januari 2014

Se min kjole...

 ... is de titel van een Deens kinderliedje: kijk mijn jurk eens! Waar het sartoriale hoogtepunt van het politieke leven in Nederland plaatsvindt in september, geldt dat voor Denemarken op 1 januari (ik heb het over mode). Prinsjesdag is van lieverlee een hoedenmodeshow geworden. De Deense Nytårskur is een modeshow voor avondjaponnen. En wat voor een!

Op Oudejaarsavond houdt de Deense koningin, Margrethe II, haar nieuwjaarstoespraak. Daarna gaat ze het in het nieuwe jaar voortvarend van start met drie nieuwjaarsrecepties (nytårskure): eentje voor de regering, eentje voor de diplomaten en het lijfregiment van de koningin, en eentje voor het leger en maatschappelijke organisaties. Voor maatschappelijke organisaties moet je lezen: de clubs waar leden van het Deense Koninklijk Huis beschermvrouw of -heer van zijn.

Die eerste, voor de regering, vindt plaats op 1 januari 's avonds, en wordt live uitgezonden op tv. De ene auto na de andere laadt een vracht ministers uit, en omdat veel ministers vrouwen zijn, en de dress code white tie is, gaan ze in het lang. Een lust voor het oog – maar ja, dat is mijn afwijking.

En elke vrouw in een feestjurk wordt gevraagd wie de jurk gemaakt heeft. Eerst dacht ik dat dat een afwijking/speurwerk was van De Bladen (had ik al gezegd dat ik Deens heb geleerd met o.a. de Deense equivalenten van Privé en Story, nl. Billedbladet en Se og Hør?), maar, zo zag ik op tv, dat wordt de hoogwaardigheidsbekleders gewoon gevraagd door het uitverkoren groepje journalisten dat staat te kleumen bij de ingang. DR, de publieke zender, had drie verslaggevers op het plein voor het paleis staan, waarvan eentje speciaal voor de jurken.

De koningin en haar familieleden worden niet lastiggevallen met dat soort vragen. Heel veel spectaculairs was er ook niet te beleven: alleen prinses Marie had een nieuwe jurk. Kroonprinses Mary en de koningin hadden 'afleggertjes' aan – jurken die ze eerder hadden gedragen en die, in het geval van kroonprinses Mary, was vermaakt omdat ze de jurk voor het eerste droeg toen ze zwanger was.

Het afleggertje van de koningin was het weerzien wel waard: een bijna gebeeldhouwde jurk van knalgroene zijde met diepe plooien all over the place. Ze kan het hebben, mensen. Daaroverheen een prachtige, politiek incorrecte, langharige zilvervos-stola. En dan heb ik het nog niet gehad over haar juwelen: de smaragdset uit de kroonjuwelencollectie, met een tiara natuurlijk, een ketting, broches, oorbellen en armbanden. En als bonus de Orde van de Witte Olifant, de hoogste orde die Denemarken te vergeven heeft. Theatraal gevoel valt haar niet te ontzeggen. Kijk hier voor de koninklijke entrée: http://www.billedbladet.dk/kongelige/danmark/flot-video-kongelig-ankomst-til-nytaarskur

Of kijk naar de foto's van royaltyfotograaf Patrick van Katwijk hier.

Wat je dan weer doet nadenken over afleggertjes, retro, vintage en erfstukken. De koningin gaat regelmatig in vol (tweedehands) ornaat de rode loper op, zo blijkt uit het boek 'Dronningens kjoler' (= de jurken van de koningin). Het is een geweldig boek waarin de koningin en de textielconservator van de koninklijke collectie, Katia Johansen, zeventig jaar kleren doornemen. Persoonlijke herinneringen en naaitechnische details wisselen elkaar af. En dan die prachtige foto's! Mémoires van stof, dat zijn het, die jurken. Sommige verdwenen uit zicht, andere werden omgebouwd of eindigden hun leven als onderdeel van een placemat.

Ik krijg bijna medelijden met kroonprins Frederik. Mannen hebben het volgens mij moeilijker in een constitutionele monarchie, omdat ze eigenlijk niets wezenlijks te doen hebben, en het dragen van mooie kleren, laat staan het commentaar erop, daar worden ze ook niet zo gauw op betrapt. Eén keer het admiraalsuniform bewonderen is leuk, maar daarna wordt het toch een afleggertje want heel veel veranderen uniformen nu ook weer niet. Hoewel... hij is wel eens aangetroffen in het uniform van de huzaren – een schattig pakje voorwaar.

Overigens: terwijl de ministers bij de koningin op visite zijn, houdt de man van de premier, Stephen Kinnock, een feestje voor de partners van de ministers op Marienborg (de residentie van de premier). Hij is ook nog jarig die dag! Maar als de foto van twee jaar geleden voorspellende waarde heeft, dan is het daar geen langejurkenfeest. Helaas. Verschil moet er zijn. Ook in het egalitaire Denemarken.