zondag 27 februari 2011

At flytte

Verhuizen. Dinsdag is het op de kop af vier maanden geleden dat ons Hollandse huishouden in een heeeeele grote vrachtwagen verdween, om te worden uitgepakt alhier.

De dagen van inpakken verliepen in een roes. In ijltempo raakte het huis onttakeld en stapelden de dozen zich op. Nog nooit kreeg ik zo vaak achter mekaar het McDonaldsgevoel: 'Mevrouw, waar moet dit heen? Moet dit helicoptertje naar de universiteit of naar het woonhuis?' We hebben nl. een geestig piepklein helicoptertje dat je draadloos kunt besturen en dat met het geluid van een bezorgde bromvlieg rondzwiert

Natuurlijk moest het helicoptertje naar de universiteit. Ik heb nog steeds een visioen van K. die op vrijdagmiddag met het helicoptertje uit wandelen gaat om uiteindelijk te (be-)landen in een van de vele vrijmibo's of vrijdagmiddagbars die de universiteit van Aarhus rijk is. Zo'n beetje elke afdeling heeft er eentje. Al is er weinig kans dat K. dit zal doen, hij vindt het belachelijk om al om twee uur 's middags op te houden met werken. Moet je net in Denemarken zijn, daar houdt op een gewone werkdag het kantoorleven meestal om vier uur op. En op zaterdag scheiden veel winkels er al om een uur 's middags mee uit.

Maar ik dwaal af.

Enfin, verhuizen. Wat een luxe als mensen je huis voor je inpakken en meehelpen met denken waar wat heen moet, en waarom. Het helpt ook enorm als die mensen prettig in de omgang zijn, want je trekt een aantal dagen intensief met ze op. En ze pakken ook je bh's in, dus het is best een vertrouwenspositie :-)

Wat me in de hele verhuisroes opviel, was de manier van inpakken. Sommige kasten werden niet uitgepakt maar omwikkeld met een soort huishoudfolie. Ik heb volgens mij meters en meters folie van meubels gepeld. Alle stickers, en plakband en folie, lieten geen spoortje achter.

De dozen van de eerste verdieping gingen niet per trap naar beneden; ze bouwden een eigen 'trap' buiten, met hellingplaten en een soort tafeltjes. De een gaf een doos aan vanuit het raam, de ander pakte die aan en wandelde de trap af, de stoep op, en via weer een hellingplaat de vrachtwagen in. Niks geen gestamp op de trap of stoere vrachtliftjes. Gewoon hersen- en spierkracht. En dat anderhalve dag achter mekaar, en dan weer anderhalve dag maar dan in Denemarken.

Hoe onze piano de vrachtwagen in is gekomen, weet ik niet. Maar ik zal niet gauw vergeten hoe de goede oude Rosenkranz (ergens begin vorige eeuw geleverd door de firma G.A.J. van Kalmthout, Nijmegen), zachtjes schommelend in banden, door A. en P. door de serre naar binnen werd gedragen in ons nieuwe huis.



Dit schiet me nu weer allemaal te binnen omdat de volgende verhuizing zich al aandient. Ergens in het begin van de zomer hopen we hier aan te landen.




En dit is het uitzicht. Mooi he?


zondag 9 januari 2011

Bos hout voor de deur

Op een gegeven moment voldoet het tankstation niet meer. Onze houtkachel/brændeovn is niet alleen maar voor de leuk. Als het serieus vriest, is zo'n kachel het verschil tussen 'uit de kou' en 'aangenaam'.

Maar houtjes van het tankstation komen in kleine zakjes, de kwaliteit van het hout is niet altijd daverend, dus besloten te doen wat de Denen doen: we bestelden een toren. En vrijdag kwam-ie. Een toren vol essenhout.

Het Hout en De Deur (rechts)
 In het kader van de kinderarbeid bestelden we voor zondag een vriendin met drie dochters, om de toren af te breken en in de houtschuur op te slaan. Maar omdat voor zaterdag regen was voorspeld, hebben we het maar zelf gedaan, en dat was eigenlijk best leuk. Het leukste was nog wel om kleine houtjes te hakken van het verpakkingsmateriaal. Waaruit maar weer blijkt dat ook volwassenen nog het vermogen hebben van een tweejarige - om blijer te zijn met de verpakking dan met wat erin zit. Ze moeten er alleen harder voor werken.

Maar ik dwaal af.

Al doende kwamen we er ook achter dat essenhout harder is dan grenen of vurenhout. K. zaagde zich een ongeluk. Beperkingen maken creatief en daarom viel hem in dat we in de verhuizing ook nog ergens een decoupeerzaag hadden. In de houtschuur vonden we een zaagbok en in het oliestookhok een hakblok. Een bijltje hadden we ook meeverhuisd ('Moet dit ook mee?' 'Ja, dat moet ook mee'). Binnen een kwartier waren we in business en veroorzaakten een burengerucht zonder weerga.

Maar nu ligt er een ordelijke stapel in de houtschuur, met een rustieke mand vol aanmaakhoutjes (foto komt nog). En het hout ruikt heerlijk! Het deed meook ergens aan denken, iets uit mijn kindertijd maar dat is raar want toen ik vijf, zes was hadden we geen open haard. Sterker nog, we waren net van de kolenhaard af.

En opeens wist ik het. Het was de blokkendoos,

Met dank aan http://www.amelias.nl

of de Sio-Montage die naar essenhout rook:


Sio-Montage. Vintage, natuurlijk. Met dank aan http://goedgevonden.info/Varia/Sio-Montage-1776.aspx
Toen we weer binnen waren (lekker vuurtje in de houtkachel), bleek dat het Deense koningshuis vandaag ook niet had stilgezeten. Kroonprinses Mary heeft het leven geschonken aan een gezonde tweeling.
 



zondag 2 januari 2011

Snert

Vanmiddag na een valse start (K. was z'n jas vergeten, toch een prestatie met dit weer) een wandelingetje gemaakt bij Kaløvig Slotsruine. Dat is een ruïne op een eilandje met een dam ernaartoe, in de Kaløvig baai. Of binnenzee. Of hoe heet zo'n ding. In elk geval, hier zo'n half uur rijden vandaan.

Van de burcht naar het vasteland

Van het vasteland naar de burcht

De Burcht - Kaløvig Slotsruine


Mooi he. De zee lag ook grotendeels dicht, zoals je ziet, en we hebben zelfs even op de zee gelopen!

Dit schreeuwde om snert. Dus op de terugweg langs de supermarkt gereden en daar spullen ingeslagen. Maar ja, geen spliterwten. Ik eigenwijs meende me te herinneren een Deens gerecht te hebben gezien dat verdomd veel leek op snert, maar dan met GELE erwten. En gele, die hadden ze nou weer wel.

Dacht ik.

Toen ik de gele erwten in de pan wilde storten, zag ik dit: gele hagelslag, ofwel instant gele erwten! Herregud! (dat is Deens voor here god)

Geheel tegen het oorspronkelijke recept in heb ik eerst vlees, spek en groenten gekookt en daarna de gele dingetjes in de erwtloze erwtensoep gesprenkeld. Die overigens opvallend veel naar erwtensoep rook - en dat zonder 1 enkele erwt! Het gele erwtensubstraat ruikt dan weer naar doorgekookte erwtjes uit blik, ik kreeg tenminste meteen een knus visioen van een zondagmiddagmaaltijd in Apeldoorn.

Afijn, dit is de soep geworden. Een soort Deens-Hollandse bastaardsoep, snert-maar-dan-anders-snert. Wat meteen het volgende probleem oploste, want hoe kom je hier aan Unox-, HEMA- of Gelderse rookworst voor je Hollandse snert? Heerlijk, die zelfoplossende problemen.

Bastaardsnert. Tjee, wat ziet het er eigenlijk onappetijtelijk uit.

zaterdag 1 januari 2011

Vær Velkommen Herrens År

Een nieuw jaar! Iedereen een gezond en vrolijk en tevredenstemmend 2010 gewenst!

Mijn goede voornemen is om meer te schrijven dit jaar. Om te beginnen voor dit blog, dus daar gaat-ie dan. Eventjes een korte samenvatting van de feestdagen.

Met Australische vrienden hebben we een traditioneel Deens kerstmaal aangericht, met eend en rojekool en rijstpudding (koud) met kersensaus (warm). Oud & Nieuw vierden we met Engels/Spaans/Arabische vrienden. Daarom zaten we klokke twaalf op de slagen van de klok van de Puerta del Sol druiven te eten, eentje voor elke klokslag. Ergens onderweg raakte ik de tel kwijt en hield ik twee druiven over. Niet best.

Oudejaar in Denemarken leek verder wel Nederlands, met al dat vuurwerk - niet alleen op het moment suprème, maar ook vooraf en achteraf, met jongetjes die vuurpijlen afsteken op klaarlichte dag, brievenbussen en vuilnisbakken laten ontploffen. Gewoon omdat ze het niet kunnen laten.


Vuurwerk wordt ook uitbundig geadverteerd, en elke supermarkt, doe-het-zelfzaak enzovoorts heeft een container naast de deur waar je je vuurpijlen, heksehyl (naast drop ook de naam voor gillende keukenmeiden), hundenpropper (soort klappertjespistool, staat op verlanglijst voor volgend oudjaar) en batteri kunt kopen. Een batteri is een doos met een assortiment vuurwerk - één lontje d'rbij, een paar minuten knaleffecten en vuurbollen, en je bent weer vierhonderd kronen lichter.

Onze batteri voor gebruik


Naast een weelderig aanbod van vuurwerk kun je op de laatste pagina van de vuurwerkfolder ook vinden: veiligheidsbrillen, slimme stormaanstekers, lanceerpinnen, oordopjes en een eerstehulpverbanddoos. Soms is de Deen Duits in z'n grondigheid.

Vuurwerkhulpstukken: veiligheidsbrillen, lanceerpinnen, eerstehulpdoos...

De sneeuw is vandaag ook verdwenen. Voor de zon, letterlijk. Het was prachtig weer, alleen autorijden is dan wel moeilijk met die lage zon. Wat blijft, is ijs. Onze oprit is in die dikke maand met sneeuw nog nooit zo glad geweest!

Ander hoogtepunt: we hadden een bevroren radiator op onze slaapkamer. Die is weer zachtjes ontdooid, zonder te lekken of andere nare sporen achter te laten.

Nog een paar dagen mooi weer, dan gaat het weer sneeuwen en vriezen. Dinsdag begint school weer. En morgen meer, over andere Deense hoogtepunten, zoals het koor waar ik zing. Als voorproefje een Nieuwjaarslied zoals we dat in Hamburg hebben gezonden, hier in de uitvoering van Vocal Line (ook mooi).

zondag 28 november 2010

Vinter

Al weken probeer ik mezelf op te lieren om een blog te schrijven. Maar vandaag was er zo iets spectaculairs, dat moet er gewoon uit. De rest komt nog wel.






Het heeft namelijk gesneeuwd. Copieus gesneeuwd. Kniediep. Ik kan me niet herinneren dat ooit te hebben meegemaakt.

Vanochtend moest ik met de bus naar de stad, en het is hallucinant om mee te maken hoe laconiek de Denen sneeuw en verkeer benaderen. Ze raggen gewoon door. Waar bij ons het raderwerk stilstaat zodra het asfalt niet meer zwart is, blijft hier alles lopen. Het is wel wat rustiger op straat, maar de bussen blijven stug rijden. Ik zag een bus die niet meer uit de sneeuw kwam. De chauffeur ronselde een paar jongens om even te duwen als-ie gas gaf, en hopla, de bus deed het weer. Met dank aan de drie onbekende helden - zie de foto.

Vanmiddag hebben K. en ik dus door de sneeuw gewandeld. Om de buurt te verkennen en te kijken hoe het strand erbij lag. Het was geweldig, we liepen door een kerstkaart. Sterker nog, we wonen in een kerstkaart. Zie de foto's! Heel apart, zo'n wintersportgevoel in eigen huis...

woensdag 13 oktober 2010

And i trafikken

Eergisteren ging ik op de fiets de stad in. Dat is een leuk ritje: bijna alles heuvel-af, dwars door de Botanische tuin die er nu prachtig uitziet met al die herfstkleuren en de laatste rozen van het jaar. Je dendert zo het centrum in, het geeft een dynamisch gevoel waar je he-le-maal niks voor hoeft te doen, zelfs niet trappen. Alleen remmen bij het stoplicht, dat moet natuurlijk wel, als het rood is. Want zo doen we dat in Denemarken :-): stoppen bij rode lichten, hand uitsteken, stoptekens geven...

Maar dinsdag trof ik een verkeersdeelnemertje dat dat niet helemaal door had. Ik suisde over Vesterbro Torv en zag op de stoep verderop twee eenden. ' Hee, eenden,' dacht ik nog, en toen steeg er eentje (!) op! En die kwam recht op me af!

Ik dook al in elkaar, maar de stakker kwam niet eens zo hoog. Met een verbazingwekkend zacht plofje kwam-ie tegen m'n kuit aan en tolde over het wegdek. Ik stopte vijftig meter verder, keek om, en daar zag ik een versufte eend overeind krabbelen, glazig in de koplampen van stilstaande auto's kijken, en bedachtzaam een stapje vooruit doen. En toen weer achteruit. Met allemaal auto's om 'm heen.


Hoe het verhaal eindigde, weet ik niet - ik moest door. En nu ik dit allemaal opschrijf, herinner ik me opeens die twee eenden die het Nijmeegse Keizer Karelplein overstaken. Lopend. En levend de overkant haalden.

Het kan dus wel. De eendenbeschermengel heeft het er maar druk mee.

Vild med dansk

Eindelijk, eindelijk is het zover. Maandag over twee weken gaat mijn taalles van start.

De afgelopen tijd heb ik al wel veel gelezen in het Deens en ik merk dat het steeds beter gaat. Verstaan gaat ook steeds beter. Ik hoor nu woorden, niet alleen maar (nasale en overgeef-)klanken. Maar ja, wat die woorden precies betekenen... het gaat nog te snel.

Aan zelf Deens praten durf ik niet zo goed te beginnen. Ik doe het wel, en soms verstaan ze me nog ook, maar dan versta ik het antwoord niet... Vaker verstaan ze me niet, omdat het Deens een paar geniepige uitspraakdingetjes heeft.

Meest in het oog/oor loopt de 'zachte d', onder K. en mij bekend als de 'dikke l' - en hoofdschuldige van het feit dat Deens soms als overgeven klinkt. Eigenlijk is het een Engelse th. Maar dan anders. Hoe anders, dat kunnen Denen me tot op heden ook niet uitleggen. Ik beloof mezelf nu al een maand dat ik de Deense spraaktherapeute die ik ken, moet opbellen om een lesje te vragen. Maar het komt er niet van.

Verder is er het fenomeen van de Deense stoot. Dat is een soort kuchje. Engelsen noemen het ook wel de glottal stop, en dat is precies wat het is, je sluit een woord of lettergreep af door je stembanden te sluiten. (Overigens sluit je je stembanden ook als je perst bij het poepen. Maar dit terzijde)  Hoe dan ook, de Deense stoot is belangrijk want sommige woorden die verder hetzelfde klinken, veranderen van betekenis als je de stoot weglaat.

Eigenlijk is het een combinatie van problemen, want woorden schrijf je verschillend maar je spreekt ze hetzelfde uit: 'hond' en 'zij' is 'hund' en 'hun', en je zegt 'hoen'. Maar in het geval van hond dus mét stoot.

Leuk is wel dat het Deens veel woorden klinken zoals Nederlandse woorden: elastiek; ketel, bon. Of woorden die veel op Nederlandse woorden lijken, maar net iets anders betekenen: gammel (=oud), altid (=nooit), straks (=onmiddellijk), knallert (=brommer). Of die je tot oud-Nederlandse of dialectwoorden kunt herleiden: stadig (=vaak), bukse (boks = broek).

Afijn. Dat is dan nog maar het begin. Mijn ambitie is om op dit blog ook Deense stukjes te zetten, maar of dat voor de Kerst gebeurt... ik heb er een hard hoofd in, nu. Straks. Nee, nu! *verwarring*