maandag 15 september 2014

Jens Otto Krag, real-life Borgen

Eigenlijk wou hij schrijver worden. En natuurlijk wilde hij ook de wereld veranderen.

Maar het liep anders. Jens Otto Krag werd minister, premier zelfs, een van de vaders van de Deense welvaartsstaat en hij loodste Denemarken de EU (toen nog Europese Gemeenschap) in.

Vandaag is het honderd jaar geleden dat hij werd geboren in Randers. Randers is een kleine drukke stad ten noorden van Aarhus en onder de meeste Nederlanders latent bekend van de handendroogblazer DanDryer. Ik heb tenminste vele malen bijna gedachteloos het etiket van die machine gelezen terwijl ik wachtte tot mijn handen werden droog- en warmgeblazen. Dan Dryer, Randers.

Maar ik dwaal af.

Jens Otto Krag was een veelbelovende leerling. Jong al politiek geïnteresseerd, maar ook romantisch en en druk bezig met schrijven. Een slim jongetje, gekoesterd door zijn moeder, met een vader die er maar steeds niet in slaagde om zijn winkels goed te laten draaien. Steeds moest de (rijke) familie van zijn moeder bijspringen. Tussen zijn ouders was de verstandhouding vaak zo slecht dat ze alleen nog maar via de jonge Jens met elkaar spraken. Een eenzame en eng-verantwoordelijke rol.

Na zijn eindexamen vloog hij uit naar Kopenhagen om economie te studeren en daar gleed hij, bijna zijns ondanks leek het, de politiek in.

De sociaal-democratische politiek, want wat hem fascineerde was hoe je met politieke planning de ergste uitwassen van het kapitalisme kon tegengaan. Naast zijn baan op het ministerie voor Vareforsyning (letterlijk vertaald: warenvoorziening – hield het midden tussen handel en distributie) schreef hij artikelen voor sociaal-democratische bladen en gaf hij lessen op volkshogescholen en partijscholen over economie en financiële politiek.

En zo komen we in een soort real-life Borgen terecht. De prequel, zeg maar. Terwijl de Tweede Wereldoorlog woedde, begon hij alvast het Denemarken van de toekomst te ontwerpen. Hij kon goed schrijven en uitleggen en kreeg een reputatie als denker. Hij schreef 'Fremtidens Danmark', een geschrift van de sociaal-democraten over hoe Denemarken zich sociaal-economisch uit het naoorlogse moeras moest trekken. Al kwamen de sociaal-democraten niet direct in de regering, gezaghebbend was dat boek wèl. En later als minister van (buitenlandse) handel, van economie, van arbeid, van buitenlandse zaken, kreeg hij de gelegenheid om die gedachten in daden om te zetten. Hij leidde drie kabinetten als premier. En als rechtgeaard republikein viel hem ironisch genoeg de eer te beurt als premier om de nieuwe koningin aan Denemarken voor te stellen toen de oude koning overleed.

Maar Jens Otto Krag was ook een levensgenieter. Vanaf zijn studietijd hield hij het vol om na een dag werken stevig de bloemetjes buiten te zetten, om de volgende ochtend om vijf uur nog even te werken aan dossiers en te schrijven aan artikelen. Wein Weib und Gesang, en dan vooral die eerste twee. Hij was een womaniser van jewelste. Vanaf een afstandje, en zeker met 'de kennis van nu', leek het alsof hij gevangen was in een vlucht naar voren. Verdrijf de eenzaamheid met meer werk, en weer een andere vrouw, en nog een, en nog een.

Ten langen leste trouwde hij met Birgit Tengroth, een Zweedse filmster/schrijfster, maar dat huwelijk liep tragisch snel stuk. Toch wierp hij zich in een tweede huwelijk, deze keer met een Deense filmster en theaterdirecteur, Helle Virkner. Ze waren de Kennedy's van Denemarken: glamour en politiek waren een gelukkig huwelijk aangegaan.

Zo leek het tenminste, voor een tijdje. In 1973 kwam het tot een scheiding. Een jaar eerder had hij de Deense nationale politiek vaarwel gezegd, meteen nadat hij Denemarken de EU had ingeloodst.

Na een paar valse starts in andere banen, onder andere hier aan de universiteit van Aarhus, keerde hij terug tot zijn eerste liefde, de schrijverij. Geen fictie, maar mémoires. Hij was toeschouwer in zijn eigen leven geworden, en daar werd hij niet gelukkig van.

Op 22 juni 1978 overleed hij in zijn vakantiehuis in Skiveren, achter de schildersezel, 63 jaar oud.

Dat is Jens Otto Krag in het kort (en grotendeels ontleend aan de spannende biografie van Bo Lidegaard).

Mindebegivenhed - Jens Otto Krag f. 15.9.1914


Even dacht ik dat ik verkeerd was. Mensen in witte pakken drentelden opgewonden rond op de hoek van Jens Otto Krag Plads, maar ik was toch echt bij de herdenkingsplechtigheid van Jens Otto Krag's honderdste geboortedag. Langzamerhand kwamen er meer mensen. Meest zestigers en zeventigers. Wandelstokken. Pijprokers. Hier en daar aanmerkelijk jongere partijtijgers. Er werd veel omhelsd en gegroet. Kameraden.

Op 15 september, om acht uur 's avonds, kwam Jens Otto Krag ter wereld op de Stemannsgade (nu een zijde van het spiksplinternieuwe plein dat zijn naam draagt). Zoon van een tabakshandelaar, later econoom, sociaal-democratisch politicus, uiteindelijk premier van Denemarken, en, allerbelangrijkst: een van de architecten van de Deense verzorgingsstaat (zie meer over hem in mijn andere posting)



Zo'n vijftig, misschien zeventig mensen stonden bij elkaar op het lichtelijk verwaaide plein. Aan twee zijden nieuwbouw (een school en Randers Kunstmuseum), een uitkijkje op Randers' haven, en het oude appartementencomplex waar de kleine Jens Otto woonde met zijn ouders - totdat ze naar een kleiner huis gingen, want vader Krag's zaak liep niet goed.

De mensen in de witte pakken bleken actievoerders tegen de afbraak van de Deense verzorgingsstaat. De rest van het publiek keek een beetje bezorgd naar ze. Die witte clowns zouden hun feestje toch niet gaan verstoren? En ook de familieleden van Krag, hier aanwezig, op hun ziel trappen?



Dat deden ze niet. Geen onvertogen woord viel toen de diverse plaatselijke partijkameraden Jens Otto Krag huldigden. Hun kreten hadden ze al op de stoep en op de straat gekrijt. En ook niet toen zij en Krag's familie bloemen legden bij de buste van Krag. De fotografen renden opgewonden heen en weer en lieten de bobo's de linten aan de bloemen schikken. Binnen twintig minuten was het voorbij.



Maar toen verplaatste de groep zich naar het gemeentehuis van Randers. Daar zou de gemeente een portret van Randers' meest bekende zoon ontvangen, en Helle Thorning-Schmidt, premier en partijgenoot, zou het portret onthullen.

La Helle deed even op zich wachten, en om kwart over elf begonnen de klokvaste Denen wat te morren, maar toen ze eenmaal binnen was en  haar speech gaf, hingen ze aan haar lippen. Ze kan het, die Thorning-Schmidt! Soepel verbond ze haar recente China-reis aan Jens Otto Krag's Europa-politiek, zijn schrijftafel-pragmatisme ('Geef me een bureau, dan zal ik de dingen in orde maken') aan wat in het hedendaagse jargon 'resultaatgerichtheid' heet.


Helle Thorning-Schmidt in haar element

En zo ziet het portret eruit. Staatsman Krag, vervat in een lichte en een donkere zijde. De fascinatie van Denen voor hem hangt niet alleen samen met zijn politieke werk, maar ook met zijn raadselachtige persoonlijkheid. Een kruising tussen Den Uyl en Amy Winehouse.

Met schaduwzijde

Ook Randers' burgemeester Claus Omann Jensen zwaaide Jens Otto Krag lof toe, wat best bijzonder is voor een niet-kameraad, want hij is van de liberaal-conservatieve Venstre-partij. Hij gebruikte ook de gelegenheid om Krag's Europa-gezindheid te koppelen aan de bestrijding van vreemdelingenhaat: 'In Europa zijn we allemaal op verschillende plaatsen geboren, maar we zijn allemaal gelijk geboren'. En dat was, in mijn ogen dan, best een politiek statement want sinds de zomer is de Venstre-partij nogal verdeeld over vreemdelingen. Eén stroming wil immigratie voor sommige groepen makkelijker, en voor anderen (lees: niet-westerse immigranten en vooral moslims) juist moeilijker maken. De andere stroming, waar Omann Jensen blijkbaar toe behoort, is daar fel tegen.


Let op de onvermijdelijke PH-Deens-design-lamp

Daarna ging het buffet open en verdween de smørrebrød als sneeuw voor de zon. Een feestje werd het. Wel wat melancholiek, maar toch: een feestje. Voor de sociaal-democratie en voor Jens Otto Krag, en zijn gedachtengoed. Want hij had dat, en in abundante hoeveelheden, en Denemarken heeft daar wel bij gevaren. Daarover later meer.




vrijdag 29 augustus 2014

Trængsel og alarm

Lees nooit een boek in het openbaar vervoer, het kan tot grote misverstanden leiden.

Gisteren was er groot alarm in Kopenhagen. Een man die zich verdacht, want zenuwachtig, gedroeg, was gesignaleerd op het hoofdstation van Kopenhagen, en later in de metro.
Toen zijn rolkoffertje om- en openviel werd hij helemaal zenuwachtig. Er waren wat snoeren te zien, maar hij borg die snel weer op om weer, zachtjes mompelend, in zijn boek te zitten lezen. Titel: 'War on Terror'.

Een medepassagiere vond het maar niks.

Binnen een paar uur tijd stonden Twitter en Facebook roodgloeiend van de berichten en foto's en oproepen omtrent de man en was de politie in verhoogde staat van paraatheid gebracht. Maar geen spoor van de man zelf.

Een paar uur later werd de politie gebeld. 'Jullie zoeken mij. Ik ben Alisiv Ceran, student Engels en Mandarijn, was naar een examen buitenlandse politiek, had mijn telefoon uitgezet en zie nu pas wat er allemaal gaande is. Mijn vrienden hebben me gewaarschuwd dat ik verdacht word van terrorisme. Ik heb me opgesloten op een gehandicaptentoilet want ik durf niet naar buiten vanwege het gesunde Volksempfinden. Willen jullie me bevrijden?'

Zo ongeveer.

En dat deed de politie gelukkig. Met het geweer in de aanslag, want je weet maar nooit.

Twee dingen vallen op.
Anno nu moet je je eigen printer meenemen naar een examen. Dat is trouwens niet alleen zo op de universiteit (hoewel ik Kees er nog nooit over heb gehoord), maar het geldt ook voor de leerlingen die eindexamen doen van de middelbare school. Verlengsnoeren hebben ze blijkbaar wél in voldoende mate. Communicatieplatformen à la Blackboard ook. Maar electronisch examen doen met je eigen laptop, dat kan niet.

En je kan maar beter geen donkere huidskleur, een volle zwarte baard hebben EN een boek lezen over terrorisme.

Denemarken heeft een serieus racismeprobleem. Niet iedereen die een zwarte baard heeft en een boek over terrorisme leest, is een terrorist. Niet iedere Aziatische vrouw is een postorderbruid uit Thailand. Niet elke Roemeen is een dief. Maar mannen met zwarte baarden, Aziatische vrouwen en Roemenen – en zij die er zo uitzien – worden wel behandeld als uitschot.

Ik vrees dat het in Nederland geen haar beter is. En dat boek, ik ben er nog steeds niet achter van wie het is!

woensdag 27 augustus 2014

Sensommerdag

En  was tropisch Denemarken afgelopen. Juni, juli en het eerste deel van augustus waren stralend, schitterend, bepaald regenloos zodat het gazon zo ongeveer naar de vaantjes ging, en opeens was het kil.

Het wordt vroeger donker, merkte ik opeens van het weekeinde, en stak voor het eerst sinds maanden weer eens (heel Deens) kaarsen aan.

Vanochtend reden we via een omweg over Hornslet naar het werk, en toen zaten we opeens in de mist. Of hoge bewolking. En het rook raar - naar geploegde aarde. En van sommige bomen worden de blaadjes geel. De wingerd die hier de universiteit bekleedt, begint ook al te kleuren.

Maar overdag kun je nog prima in een zomerjurk rondbanjeren, dus dat doe ik met overgave. Nog even.

Zeilen kan ook nog wel, zelfs 's avonds, maar de starttijden van de clubregatta worden vervroegd naarmate het seizoen vordert. En die dikke trui kan ook wel weer mee.

Zucht. Heimwee naar de zomer.

dinsdag 12 augustus 2014

Første skoledag

Gisteren was de eerste schooldag voor een hele jaargang in Denemarken. Tegelijkertijd was het ook de eerste schooldag voor alle Folkeskole-leerlingen (= grofweg: basisschoolleerlingen) van Het Nieuwe Regime: de Skolereform.

De Deense basisschool is langer gaan duren. Per dag dan. Leerlingen beginnen op hun zesde, en eindigen op hun vijftiende (gemiddeld). De school duurt nu van 8-14 uur voor de kleinsten (eerste t/m derde klas), 8-14.30 uur voor de vierde t/m zesde klas, en 8-15 voor de 7e t/m 9e klas.

Grofweg zoals in Nederland dus.

Maar in Denemarken is deze verlenging van de schooldag ongehoord voor velen. Kinderen kunnen niet meer naar hun sportclub. Maar ze krijgen wel per dag 45 minuten bewegingsles op school. BSO's worden uitgekleed (kinderen zitten immers langer op school) en scholen bieden huiswerkcafé's aan, die nu nog vrijwillig zijn maar later verplicht zullen worden.

Achtergrond van deze schoolhervorming is, bruut gezegd, tweeledig. Denemarken scoort relatief laag in de PISA scores, en die moet omhoog. Kinderen moeten daarom niet alleen harder maar in elk geval langer leren.

De andere reden is dat leraren geld kosten en op deze manier worden ze gedwongen langer te werken tegen hetzelfde loon. Daar was vorig jaar protest over, en dat leidde tot een lockout (zie hier), en dat verloren de leraren. Over de eerste schooldag hing dus ook een beetje een zwarte wolk.

Veel ouders zijn ook tegen de skolereform. Niet uit solidairteit met de meesters en juffen, maar omdat ze vinden dat de overheid ingrijpt in het privé-gezinsleven, en dat de het de vrijheid van kinderen beknot.

In zijn blog kijkt hoofdredacteur Tom Jensen van Berlingske Tidende er wel wat anders tegenaan. Ten eerste zijn Deense kinderen al een paar maanden nadat ze geboren zijn 'geïnstitutionaliseerd'. De overgrote meerderheid van ouders werkt immers allebei (en meestal fulltime), kinderopvang is wijdverspreid en goed georganiseerd, dus hoeveel vrijheid neem je ze nou af als ze een uur langer op school blijven en een uur korter naar de BSO gaan? Verder zitten pa en ma nog steeds op hun werk, het gezinsleven staat overdag uit tot etenstijd, dus zo veel inbreuk vindt daar ook niet plaats, aldus Tom Jensen.

Het zal velen verbazen maar vroeger vond ik het altijd heerlijk om naar huis te gaan en een tijdje alleen te spelen. Niet de hele tijd dat gedoe van anderen om je heen, maar klooien op je kamer met je poppenhuis, je Barbie, je cowboys. Of gewoon lekker lezen: Pim en Pom, Meester Pompelmoes (en de Mompelpoes), de encyclopedie die mijn ouders speciaal voor mijn broer en mij hadden aangeschaft. Het lijkt me erg onrustig om kind te zijn tegenwoordig. Of idealiseer ik dat nu?

donderdag 7 augustus 2014

At vise flag (met update)

I Vlag tonen, kleur bekennen. Als het om vlaggen gaat, hebben Denen daar geen moeite mee. Op kantoor hebben we een mini-vlaggenmast met Dannebrog (zo heet de Deense vlag), die op tafel verschijnt bij verjaardagen. Gewoon tussen de koek en de koffie.

Bij verjaardagen, maar ook als je visite verwacht, gaat de vlag uit. In het begin denk je 'wat een nationalistische figuren zijn die Denen toch', maar meerdere Denen hebben me verzekerd dat je dat niet zo moet zien. Ten eerste is de vlag van het volk, niet van de hoge omes. Ten tweede vlag je wanneer het jou goeddunkt – dus niet alleen voor de koningin, voor bevrijdingsdag, voor Kerstmis of Grondwetsdag, maar ook omdat je jarig bent, of omdat je buurmeisje jarig is en het hele dorp dan gezellig meevlagt. Of als er iemand uit je omgeving overleden is en je dan de vlag halfstok hijst.

Dus toen het op 23 juli nationale rouwdag was in Nederland vanwege de neergestorte MH17, vond ik dat ik ook moest vlaggen.


De huiselijke manier waarop Denen omgaan met hun vlag zou je bijna doen vergeten dat de symbolische waarde ervan uiteindelijk toch te maken heeft met territoriumdrift. Het sierlijk afpissen van je eigen domein. En dat wil ik ook wel eens! Als immigrant bekruipt je af en toe de onbedwingbare behoefte om te laten zien wie je bent, kleur te bekennen – en af en toe even met je landsvlag te zwaaien.

Maar, zo bleek, daar zijn wetten voor. Of eigenlijk: tegen. In Denemarken mag je niet zomaar de vlag van je land hijsen. Ik kwam erachter dat je daarvoor toestemming moet hebben van de politie. Na een bezoek aan de plaatselijke politieagent, die me aankeek alsof ik 'm voor de gek hield met mijn verzoek, stuurde ik een keurige brief naar het hoofd van politie van Oost-Jutland. Ik ontving prompt een mailtje met de vraag, op welke dagen ik wilde vlaggen. En daarna hoorde ik twee jaar niets meer.

Tot eind vorige week.

Toen ik op nationale rouwdag vlagde, was dat eigenlijk illegaal. Om mijn slechte geweten te sussen stuurde ik een mailtje ter herinnering naar de politie. En na tien dagen kreeg ik een mailtje terug met toestemming.

Aan de toestemming zijn wel een paar voorwaarden verbonden. Zo MOET de Dannebrog ook gehesen zijn, en MOET de Dannebrog groter zijn dan de vlag van het andere land. Ook mag ik niet de Nederlandse vlag hijsen op de officiële Deense vlaggedagen.

Nou, daar kan ik wel mee leven. 15 augustus (bevrijdingsdag WO II Azië) gaat de hele lappenwinkel legaal de mast in!

Update: op weg naar huis kwam ik een Palestijnse fietsdemonstratie tegen, rijkelijk behangen met vlaggen. Eens kijken hoe snel de vlaggenwet erbij gehaald wordt de komende dagen!



woensdag 4 juni 2014

In, Spin - geen nieuws

Na weer een lange vergadering heeft de Venstre-partij (soort VVD met CDA-achtige trekjes) besloten dat fractievoorzitter Lars Løkke Rasmussen mag blijven. Al drie bonnetjes-affaires heeft hij achter de rug (zie hier) maar na rijp beraad heeft de Venstre-partij besloten dat ze als één man achter Lars Løkke zullen staan. En daarmee basta!

Alle Venstre-leden vertellen desgevraagd dat de partij nu rust nodig heeft, dat Lars Løkke wel weer vertrouwen moet opbouwen, en dat de partij bij monde van het bestuur nu gesproken heeft en dat ze als goede democraten daarmee instemmen. Ook als ze de laatste dagen hebben laten weten dat ze vonden dat LLR moest aftreden als fractievoorzitter.

Geen nieuws, zou je kunnen zeggen. Toch was het groot nieuws in Denemarken. En het werd groot gebracht: live op radio en tv, live-blogs, updates, uren achtermekaar.
En dan: niks aan de hand, doorlopen alstublieft. Real life Borgen.


Wat was er aan de hand?

'Onze' Lars
Venstre heeft het moeilijk. In de Europese verkiezingen hebben ze stemmen (en twee zetels) verloren, terwijl Dansk Folkeparti stemmen (en een zetel) heeft gewonnen. Venstre moet nu een strategie bedenken om stemmers terug te lokken. Je vraagt je dan af wat maakt dat ze denken, dat een man die slordig met zijn bonnetjes omgaat, hun beste troef is.

Heeft het te maken met de mogelijk aanstaande verkiezingen? In Denemarken bepaalt de zittende premier wanneer de verkiezingen plaatsvinden, en dat wordt meestal een maand tevoren aangekondigd. In zekere zin is het dus altijd campagnetijd in Denemarken. En in campagnetijd kun je het je niet veroorloven om eens lekker onderling te gaan lopen bekvechten, want je moet te allen tijde een lijsttrekker hebben die meteen ten strijde kan trekken.

Lars Løkke kan dat. Hij is al eens premier geweest, hij doet het goed bij de Venstre-kiezer die staat voor het Denemarken van de kleine man, met een nestgeur die niet per se de jouwe hoeft te zijn, maar die toch iets bekends heeft voor veel Denen. Dat is de 'højskole'-vleugel in de partij – die verwijst naar de rol de volkshogescholen hebben gespeeld in het Denemarken van de negentiende eeuw. In die periode kwam de Venstre-partij tot bloei, en waren de volkshogescholen de plekken waar de potentiële Venstre-kiezers (de kleine boeren en ambachtslui) zich ontwikkelden.

Dat hij via de bonnetjes-affaires heeft bewezen dat hij niet zo hoog scoort qua burgerfatsoen, is iets wat deze Venstre-kiezers hem kwalijk nemen. Maar niet genoeg om de andere vleugel in de partij de ruimte te geven. Dat is die van de 'handelshøjskole': de hoger opgeleide, bevlogen, leider-achtige, zakelijke en behoudende Denen.

Dan is er nog een andere breuklijn in de partij en dat is die tussen de parlementsleden en de lokale politici in het land. De afgelopen dagen hielden de nieuwszenders en -bladen lijstjes bij met burgemeesters die zich voor of tegen het aanblijven van Lars Løkke hadden uitgesproken. En ook een lijstje met degenen die nog geen beslissing hadden genomen. Parlementsleden die vóór Lars Løkke zijn, maar die uit een kieskring komen die tegen Lars Løkke is, hadden het gisteren moeilijk.


Nu hebben de tegenstanders van Lars Løkke iets uit te leggen, maar gelukkig is kunnen ze zich verschuilen achter de democratische partijdiscipline. En zo hoort het ook.

Spinnijdig
De parlementaire journalistiek heeft ook iets uit te leggen. Toen ik gisterochtend de Jyllands-Posten uit de brievenbus haalde, was de algehele teneur nog 'Lars Gaat Door'. Maar in de middageditie op internet stond er al een groot interview met zijn gedoodverfde opvolger, Kristian Jensen, en de aankondiging dat Lars Løkke Rasmussen zich 's avonds, na de vergadering van het Venstre-hoofdbestuur, zou terugtrekken.

Als kwijlende katten voor een muizenholletje hadden de journalisten zich voor de ingang van het hotel in Odense neergelaten. Helemaal klaar voor het prinsendrama van de opvolgingsstrijd. Regelmatig werd de radio-uitzending onderbroken voor een update (of een herhaling daarvan) waarin de journalist van dienst langs z'n neus weg zei ' Wanneer Lars Løkke gaat aftreden, dan...'
Op televisie zag ik een fraai in beeld gebracht interview tussen tv-commentator Niels Krause-Kjær (en ex-perschef voor de Conservatieve Partij) en parlementair journalist Per Mathiessen van EkstraBladet. Matthiessen is de man die de twee laatste bonnetjes-affaires van Lars Løkke aan het licht heeft gebracht, en op Krause-Kjærs vraag of EkstraBladet nog nieuwe bonnetjes-affaires op de plank had liggen, glimlachte Mathiessen fijntjes en zei 'Daar kan ik niets over zeggen.'

Vanochtend vertelde de wekkerradio dat Lars Løkke partijleider blijft. Hoongelach daverde door de sociale media over al die parlementaire journalisten die het zo zeker dachten te weten en die urenlang naar een deur keken.

Jyllands-Posten ging bij monde van commentator Christine Cordsen door het stof, en legde uit hoe het kwam dat ze de uitslag het verkeerd voorspeld hadden. Het lag niet aan hun bronnen, nee, het gebeurde nou eenmaal wel eens dat die de zaken anders inschatten dan ze hadden gedacht.

Zou de krant zijn gemanipuleerd door de bronnen? Met andere woorden, was de krant zelf slachtoffer geworden van spin? Christine Cordsen antwoordde, dat ze nog steeds van mening is dat het waar was toen ze het opinie-artikel schreef. En ja, de druk om zo snel mogelijk te publiceren en een scoop te halen is er wel degelijk, niet in het minst vanwege de online media.

De boodschapper van het nieuws krijgt weer de schuld. En ik moet eerlijk zeggen dat ik me nu een beetje schaam om journalist te zijn. Urenlang voor een deur liggen, elkaar interviewen over wat er misschien wel gaat gebeuren, het verdient allemaal geen schoonheidsprijs. Wat een arremoe. Laten we, heel mild, concluderen dat het een gevolg is van de technische mogelijkheden. Stel dát er iets gebeurt, dan moet je erbij zijn om het meteen in de ether te kunnen gooien. Met een straalwagen, draadloze verbindingen en de hele retteketet. Want als je dat niet doet, dan heb je 'verloren'.

Maar waar ik zelf nog het meeste over ben gevallen is het superieure lachje van Per Mathiessen, die op een duidelijke vraag, nl. 'Ben je bezig met nieuwe dingen, wat Lars Løkke betreft?' gewoon geen antwoord geeft.

Hoe moeilijk kan het zijn? Als je niks hebt, zeg je nee. En als je wel iets hebt, dan zeg je ja, maar dat dat naar buiten komt als je klaar bent met je werk. Misschien ben ik naïef, maar ik vind dat het je eerste taak als journalist is dat je je publiek informeert – niet dat je informatie naar buiten laat druppelen op een moment dat jouw krant of programma toevallig het leukste vindt. Daarmee beïnvloed je de politieke besluitvorming op een voorkennis-achtige manier, en dat deugt niet. Er zijn al vragen gesteld bij de timing van de laatste bonnetjes-affaire, nl. vlak voor de Europese verkiezingen. Overigens barstte de Skatte-dag, de belastingaffaire waar huidig premier Helle Thoning-Schmidt het lijdend voorwerp was, ook los vlak voor de verkiezingen.

Zo mogelijk nog onbegrijpelijker vind ik zijn interviewer, Niels Krause-Kjær en nota bene ook nog docent aan de School voor Journalistiek hier ter stede, die Mathiessen gewoon laat wegkomen met een nietszeggend antwoord.

Ik heb er maar één woord voor. WC-Eendjournalistiek. Er zit een luchtje aan.